Tijd om af te rijden!

De toekomstige trambestuurders van lijn 22 hebben de afgelopen maanden het laatste deel van hun opleiding gekregen: rijden op de nieuwe trambaan met de nieuwe tram. Als voorbereiding daarop hebben ze al veel praktijkervaring opgedaan in de tramsimulator en een theorieopleiding gehad.

 

Sinds begin vorige maand doet elke week een aantal bestuurders examen. Dat bestaat uit een theoretisch deel en een praktijkdeel, net zoals een autorijexamen.

 

Theorie-examen
Het theorie-examen gaat over alle regels die horen bij het rijden met een tram, zoals de regels uit de Wegenverkeerswet, Tramwegwet en  alle verkeerstekens. Ook algemene kennis over de tram zelf en de trambaan wordt getoetst, zoals waar de calamiteitenwegen voor nood- en hulpdiensten zijn.

 

Afrijden
Bij het praktijkexamen moeten de bestuurders laten zien dat ze de theorie in de praktijk kunnen brengen. De instructeur let er bijvoorbeeld op of ze op de juiste snelheid rijden, op tijd afremmen voor de bochten en haltes, goed anticiperen en goed met andere weggebruikers omgaan.

 

Ook bekijkt de instructeur of de bestuurders weten waar alle schermen en knoppen voor zijn. De nieuwe trams zitten namelijk technisch heel anders in elkaar dan de oude trams die op de tramlijn tussen Utrecht en Nieuwegein/IJsselstein rijden. De bestuurders krijgen bijvoorbeeld vragen over hoe je een deurstoring oplost, hoe je bij nood de intercom gebruikt, op welk scherm je kunt zien wat er achterin de tram gebeurt en hoe je de verwarming aan of uit zet.

 

Meteen aan de slag
Als de trambestuurders hun examen hebben gehaald, mogen ze zelfstandig rijden op de nieuwe trambaan tussen P+R Utrecht Science Park en Utrecht Centraal Centrumzijde. De geslaagde trambestuurders kunnen ook al meteen aan de slag: ze rijden de testritten waarmee de dienstregeling wordt getest.