Onverwachte situaties oefenen: wat als er een tram strandt?

De afgelopen weken hebben we allerlei (nood)situaties getest, bijvoorbeeld een fiets op de trambaan of een gestrande tram. We kijken dan of die situatie volgens de juiste procedure wordt opgelost door alle betrokken partijen: onder andere de trambestuurder, de verkeersleiding van U-OV en onderhoudspartijen Strukton en Stadler. Zij weten van tevoren niet wat er gaat gebeuren, omdat de test zo realistisch mogelijk moet zijn.

 

We hebben bijvoorbeeld twee keer gedaan alsof er een tram gestrand was in de bus- en tramtunnel vlakbij P+R Utrecht Science Park. Beide keren is de ‘gestrande’ tram naar de opstelsporen bij de P+R gebracht. De bussen van lijn 28 werden langs de stilstaande tram geleid door verkeersregelaars.

 

Bij een andere test trok één van de medewerkers in de tram aan de noodrem omdat er zogenaamd iemand onwel was geworden. De trambestuurder en verkeersleiding pakten dit goed op en lieten de tram snel naar de eerstvolgende halte rijden om daar de onwel geworden passagier zogenaamd aan een ambulance te kunnen overdragen. 


Ook hebben we een oefening gedaan met een bus die deed alsof hij een klapband kreeg op de bus- en trambaan in Utrecht Science Park. Als er hier namelijk iets met een bus gebeurt, heeft dat ook effect op het tramverkeer. Hetzelfde geldt voor de bus- en trambaan in het stationsgebied.


Eind deze week zijn alle 20 situatietesten een keer uitgevoerd. Bij de meeste testen ging alles in één keer goed, maar bij een paar nog niet. Die doen we binnenkort nog een keer.